Een binnenmuur isoleren doe je door aan de binnenkant van een buitenmuur een nieuwe wand op te bouwen met isolatiemateriaal ertussen. Dit is een populaire methode om warmteverlies te beperken zonder dat je de gevel aan de buitenkant hoeft aan te pakken. Het is goed zelf te doen, maar vraagt wel enige voorbereiding en de juiste materiaalkeuze.
Wanneer is binnenmuur isoleren de juiste keuze?
Binnenmuur isoleren is vooral zinvol bij oudere woningen met massieve spouwloze muren, of in situaties waar isolatie aan de buitenzijde niet mogelijk is. Denk aan monumentale panden, smalle percelen of gevels die grenzen aan het trottoir. Bij spouwmuren is het meestal slimmer om eerst te kijken of spouwmuurisolatie mogelijk is, want dat kost minder ruimte en verstoort minder.
Een nadeel van isoleren aan de binnenkant is dat je woonruimte er iets door inkrimpt. Een isolatiepakket van 8 tot 12 centimeter dikte neemt per muur merkbare ruimte weg. Zeker in kleine kamers weegt dat mee. Weeg dat af voordat je begint.
Welke isolatiematerialen zijn geschikt voor de binnenmuur?
Er zijn drie materialen die het meest worden gebruikt voor het isoleren van binnenmuren:
- Glaswol of steenwol: betaalbaar, breed verkrijgbaar en makkelijk te verwerken. Steenwol heeft ook een goede geluiddempende werking. Beide materialen worden tussen houten of metalen stijlen geplaatst.
- PIR- of PUR-platen: harde isolatieplaten met een hoge isolatiewaarde per centimeter. Handig als je zo min mogelijk ruimte wilt verliezen. Iets duurder dan glaswol, maar je hebt een dunnere laag nodig voor hetzelfde resultaat.
- Calciumsilicaatplaten: speciaal geschikt voor vochtgevoelige muren en kelders. Dit materiaal absorbeert vocht en geeft het weer af zonder schimmel te bevorderen. Duurder in aanschaf, maar onmisbaar als de muur regelmatig vochtig is.
Kies je isolatiedikte op basis van de gewenste Rd-waarde. Voor binnenmuurisolatie geldt geen wettelijke eis als je niet verbouwt, maar een Rd-waarde van minimaal 1,3 m²K/W is een gebruikelijke ondergrens. PIR van 6 centimeter haalt dat al ruimschoots.
Stappenplan: binnenmuur isoleren
Hieronder vind je de stappen voor de meest toegepaste methode: een houten regelwerk met minerale wol erachter, afgewerkt met gipsplaat.
- Stap 1: muur controleren. Kijk of de muur droog is. Vochtige muren isoleer je pas nadat de vochtbron is opgelost. Anders sluit je problemen in.
- Stap 2: regelwerk plaatsen. Schroef houten of metalen stijlen (doorgaans 45 x 70 mm of 45 x 95 mm) langs de muur. De breedte van het stijlhout bepaalt de dikte van je isolatielaag. Houd een onderlinge afstand van 60 cm aan, zodat standaard isolatiebanen er strak tussen passen.
- Stap 3: dampremmende folie aanbrengen. Plak een dampremmende folie (damprem) tegen de achterzijde van het regelwerk, aan de warme kant van de isolatie. Dit voorkomt dat vochtige binnenlucht in de isolatie trekt en daar condenseert.
- Stap 4: isolatie inbrengen. Snijd de glaswol- of steenwolbanen op maat en duw ze strak tussen de stijlen. Er mogen geen kieren of holtes zijn.
- Stap 5: gipsplaat aanbrengen. Schroef gipsplaten op het regelwerk. Gebruik gipsplaten van 12,5 mm dikte als standaardkeuze. Voor vochtige ruimtes kies je vochtbestendige gipsplaat (groen of blauw).
- Stap 6: afwerken. Voeg de naden, breng grondering aan en stuk of verf de muur naar wens af.
Damprem: waarom je dit niet mag overslaan
Een dampremfolie is één van de meest overgeslagen stappen bij doe-het-zelf-projecten, terwijl het echt belangrijk is. Warme binnenlucht bevat altijd vocht. Als die lucht door de gipsplaat heen de isolatie bereikt en afkoelt, slaat het vocht neer. Dat leidt na verloop van tijd tot schimmelvorming achter de wand. Een damprem vertraagt de doorstroom van vochtige lucht en houdt de isolatie droog. Plak de folie altijd aan de warme (binnen)zijde van de isolatie en tape alle naden goed dicht.
Zelf doen of een vakman inschakelen?
Het isoleren van een binnenmuur is goed zelf te doen als je handig bent en de stappen zorgvuldig opvolgt. Het grootste risico zit niet in het plaatsen van de isolatie zelf, maar in fouten met de damprem of het niet goed aanpakken van een onderliggende vochtproblematiek. Heb je twijfels over vocht in de muur, of gaat het om een grote oppervlakte, dan is het verstandig even een specialist te laten meekijken voordat je begint. Fouten herstellen achter een afgewerkte wand kost meer dan de muur in één keer goed te doen.
Kies het isolatiemateriaal dat past bij jouw situatie: PIR als ruimtebesparing vooropstaat, steenwol als je ook geluid wilt dempen, en calciumsilicaat bij vochtige muren. Zorg voor een goede damprem en werk nauwkeurig bij de naden. Zo haal je het meeste uit je investering en voorkom je problemen op de lange termijn.


